Kenmerken van ons onderwijs nader toegelicht…

Op de Groeneveldschool werken we met IGDI instructiemodel.

IGDI staat voor: interactieve, gedifferentieerde, directe instructie.
 
Het IGDI-model is een moderne versie van het directe instructiemodel, een model waarbij uitgegaan wordt van verschillende leervermogens van kinderen. Kinderen verschillen van elkaar in de manier en snelheid van leren.
Sommige kinderen begrijpen de instructie snel en willen vlot aan de slag, andere kinderen hebben meer uitleg nodig. Daar is in het IGDI-model rekening mee gehouden.
Binnen het IGDI-model zijn de fasen van het directe instructiemodel aangepast zodat er meer verschil in uitleg en instructietijd tussen de leerlingen ontstaat.
 
 In elke les zie je de volgende fasen:
 
1. Start les
Elke les start met een introductie. Hierin wordt de nieuwe leerstof voorbereid, de leerkracht geeft een samenvatting van de leerstof die al eerder aan bod is geweest en haalt relevante voorkennis op. Ook wordt het lesdoel voor de komende les met de kinderen besproken. 
 
2. Presentatie / interactieve groepsinstructie
Tijdens de instructie wordt de nieuwe leerstof gepresenteerd. Belangrijk is hierbij verduidelijking van het doel, uitleg geven, voordoen en duidelijke voorbeelden geven. Instructies moeten niet vragend gegeven worden, maar je moet zelf verwoorden.  Belangrijk is ook het vragen stellen en interactie. Door vragen te stellen kan de leerkracht een beeld vormen van het begrip van de kinderen.
 
3. Begeleide (in)oefening
Tijdens deze fase kunnen de kinderen onder begeleiding van de leerkracht oefenen. Als de opdrachten gerelateerd worden aan het lesdoel is het vooral voor de zwakke leerlingen duidelijker waarom de opdracht belangrijk is en wat ze precies gaan oefenen. Om interactie tussen leerlingen te creëren zijn verschillende vormen van samenwerkend leren een mogelijkheid, zoals denken-delen-uitwisselen. De leerlingen kunnen samen praten over het antwoord op een vraag. Zwakkere leerlingen leren op deze manier van betere leerlingen en kunnen ook met een goed antwoord komen.
 
4. Zelfstandig of in duo's toepassen / verlengde instructie
Bij deze fase wordt de groep gesplitst. De leerkracht geeft verlengde instructie aan risico- en zwakke leerlingen in een kleinere groep.  De andere kinderen zijn zelfstandig aan het werk met verwerkingsopdrachten die aansluiten bij de groepsinstructie. De verlengde instructie duurt 15 tot 20 minuten. In deze tijd wordt de groepsinstructie nog eens herhaald (reteaching), wordt nog eens extra geoefend of worden leerlingen alvast voorbereid op de volgende les (preteaching).
 
5. Feedback ZW-groep en instructiegroep
Na de verlengde instructie kunnen deze leerlingen ook zelfstandig aan het werk en krijgen de andere leerlingen feedback op hun gemaakte werk.
 
6. Afsluiting
Dan wordt de les gezamenlijk afgesloten. Er wordt besproken of de leerlingen het doel hebben bereikt. Ook is er alvast een vooruitblik naar de volgende les, er wordt verteld wat dan aan de orde zal komen. Vooral voor de zwakke leerlingen is dit belangrijk omdat het verbinden van nieuwe kennis aan wat ze al weten vaak problemen oplevert.